Anatomie van de grassen

20.00

Tijs van Bragt (1985) maakt in Anatomie van de grassen een binnenwereld zichtbaar, een wereld waarin (natuur-) lyriek nooit ver weg is. Er wordt vorm gegeven aan wat ontbreekt. De dichter reageert op zijn omgeving en legt haar vast.

‘Hoerige zonnebloem in het donker gebogen
geef me een woord om in te geloven
en ik zal het schrijven.’

‘Van Bragts atypische (natuur-) lyriek is niet voor één gat te vangen.’ Poëziekrant

‘Gelatenheid en vervreemding houden de auteur in hun greep.’ Friesch Dagblad

195 op voorraad